DE DUITSER MET DE ZAKBIJBEL

Sylvie
Ik ben opgegroeid in Frankrijk. Mijn ouders, grootouders en mijn drie broers en zussen waren katholiek. Als het om religie ging, regeerde mijn moeder met ijzeren hand — en we deden allemaal gewillig mee: naar de kerk gaan, kerkfeesten, het avondgebed met het gezin… Druk en rituelen bepaalden ons geloof. Toch had ik een eigen band met Jezus opgebouwd en sprak ik graag met Hem. Maar toen veranderde God mijn leven in korte tijd en leidde Hij mij uit een viervoudige slavernij:
- Onderdrukking onder het ouderlijk juk: de opvoeding was streng en elk verzet werd genadeloos de kop ingedrukt. Gehoorzaamheid was iets „heiligs“.
- Slaafschap onder het juk van het occultisme: Als tiener raakte ik geïnteresseerd in horoscopen en waarzeggerij. Ik liet een analyse van mijn toekomst maken en op mijn twintigste ging ik naar een waarzegger die „hulp voor alle levenssituaties“ beloofde. Ik had al jaren een groot probleem en had daar vaak tot God om gesmeekt – zonder veel succes. Hij had een paar keer geantwoord en op wonderbaarlijke wijze ingegrepen, maar dat was bij lange na niet genoeg. „Waarom wilde Hij niet helpen?“, vroeg ik me af. Daarom wendde ik me tot een waarzegger. Maar dat was een dure en bittere ervaring. Ik bezocht ook een charismatische kerk. De levendige getuigenissen waren volkomen nieuw voor mij. Ik hoorde het spreken in tongen, dat klonk als Arabisch. Het zou „de taal van de engelen“ zijn, zo werd mij verteld. Het enthousiasme werkte aanstekelijk en ik kwam graag naar de bijeenkomsten. Toen ik de waarzegger hierover vertelde, zei hij glimlachend: „Ook waar vreugde is, kan de duivel zijn“, en liet de Bijbel die ik hem had aangereikt op de grond vallen. Daarnaast las ik literatuur uit het Verre Oosten en luisterde ik graag naar pop- en technomuziek. Dat laatste hielp me om aan de teleurstellende werkelijkheid te ontsnappen.
- Knechtschap onder het juk van mijn katholieke geloof: deze mix van traditie en bijgeloof, doordrongen van Mariaverering, was pas mijn geloof totdat ik het Echte vond: Toen ik op mijn 25e mijn toekomstige echtgenoot, een Duitse adventist, op mijn werk in Frankrijk leerde kennen, viel mijn oog op zijn zakbijbel. Dit was het begin van een fascinerende ontdekkingsreis door de waarheid. Wat was het mooi om al deze nieuwe dingen te horen en te geloven!
- Geknecht onder het juk van verkeerde relaties: op zoek naar acceptatie en liefde ging ik relaties aan, maar vond niet wat ik zocht. Uiteindelijk schonk God mij de man van mijn leven — die om een vrouw had gebeden — en een nieuwe toekomst in Duitsland, ver weg van het „slavenhuis“.
Na de „Net 96“-evangelisatiecampagne met Mark Finley werd ik in Mannheim gedoopt. Er kwam een grote vreugde in mijn hart. Er is niets beters dan de waarheid! Na vele, deels pijnlijke ervaringen bracht God mij naar Zijn gemeente. Wat een zegen! Aan Hem zij lof en dank!
Conclusie: Je hoeft niet overal aan mee te doen om later te kunnen vertellen hoe God je uit de slavernij heeft geleid. Ik had liever vanaf het begin de juiste weg gekozen.







